Rouwregister San Deurinck
San
Alexander
Deurinck

Drie namen
alle drie
getuigen ze van
tientallen en tientallen
slachtoffers-overlevers
van seksueel misbruik door clerici
maar ook
van een sterk weerwoord
We zullen je missen San, dank je wel voor alles wat je voor ons betekend hebt! We zullen je nooit vergeten!

Reeds geposte berichten: 108
Powered by www.GastenBoek.be Hosted by www.HostYou.be
Door segers rosaline   30-07-2012 16:55:19
Hoi, je hebt een coole website, vol met bruikbare informatie. Mag ik je volgen op facebook aub?
Hoop snel een reactie van u te vernemen.

Gr, Rosaline

Mijn facebook & website @ import
Door cindy   11-09-2011 18:27:57
Hey, ik ben cindy en ik vind u moed echt durvend. Ik had vorige week blaasontsteking en ik wou u toen vragen of ik u gedicht mag gebruiken voor mijn rouw, mijn oma is overleden en ik wil een goed woordje geven. Gr, Cindy
Door ray ban zonnebril   27-06-2011 08:25:33
Door chanel sunglasses   18-06-2011 04:47:51
Dank aan al deze behoeften, veel van de informatie in een interessante

positie. Ik wed dat je veel tijd om dit allemaal te
Door Marcel Van Impe  06-06-2011 18:05:56
Ik zag je op TV San en dacht..., had ik maar, - al was het maar een beetje -, "het vuur" van die man!
Dank u San!!
Het ga je goed makker !!!

(Wordt vervolgd, wordt gevolgd!!)
Door oakley nederland   31-05-2011 04:16:23
Hallo Folker en Carine,
Weer een tijdje geleden dat ik heb geschreven, maar niet zo lang geleden dat we elkaar hebben gezien -
Jullie hebben geluk gehad met het weer h.
Groetjes van ons!
Door oakley nederland   31-05-2011 04:16:23
Hallo Folker en Carine,
Weer een tijdje geleden dat ik heb geschreven, maar niet zo lang geleden dat we elkaar hebben gezien -
Jullie hebben geluk gehad met het weer h.
Groetjes van ons!
Door brigitte  15-02-2011 13:18:15
Ik wens alle mensen die San graag zien heel veel sterkte toe.

Genegen,

Brigitte Minne
Door Jan en Klaartje Bernheim-Castelyns  12-02-2011 19:34:33
Voor Scarlett, Maureen en Suzy, met een glimlach door een waas van verdriet, hieronder een paar vignetjes ter illustratie van Sans Gentse studentenleven. En voor Aey (aan wie ik mijn spijt betuig niet meer te hebben kunnen doen opdat zij in Belgi had kunnen werken) zal iemand ze misschien willen vertalen.

‘t Zal wel Gaan op kot

In de jaren 60 had het Aloude Taalminnend Studentengenootschap ‘t Zal Wel Gaan als hoofdkwartier een oud, zeer oud burgerhuis in de Geldmunt te Gent. Door de beduimelde ruiten zag je het Gravensteen, en wat je hoorde was vooral het voorbijratelen van tram 4. Achter de Geldmunt lag het toen nog ruige Patershol, en de Korenmarkt en de Vrijdagmarkt waren maar een stapje ver. Het stamcaf van de ’t Zallers, het nu in gevaar verkerende Keetje, tegenover de ‘Vooruit’, was wel een eind weg, en soms verliep de thuiskomst bij nachte wat moeizaam. Vanop de bovenverdieping kon je het binnenhof van het Gravenkasteel in de gaten houden, en wanneer Zweedse meisjes zich naar de uitgang begaven, kon je nog snel je zwarte flat opzetten en je naar beneden reppen om ze een ‘special sightseeing’ van de stad voor te stellen.
’t Zal wel Gaan, u had het wellicht begrepen, is de vertaling van het Frans republikeinse ‘Ca ira’ (… les aristocrates, on les pendra…. Het is de oudste nog bestaande studentenvereniging (www.tzalwelgaan.be), in 1852 gesticht onder de leuze ‘Klauwaert ende Geus, geen God en geen meester’ door radicale Vlaamsgezinde vrijzinnige democraten. Bij zijn roemruchte leden behoorden de literatoren Julius Vuylsteke (de stichter) en Tony Bergman, de bioloog Julius MacLeod en ingenieur Baekelandt. De liederencodex, van vagina (sic!) 3 tot 100, bevat literaire pareltjes, waaronder ‘Het Lied van d’ Heirnisse’ en ‘Kater Palewaert’. Toen de katholieke studenten nog over bier zongen, zong ’t Zal al honderd jaar over vogelen. De Bond der Oud-Leden (BOL) houdt nog steeds jaarlijkse festijnen met gezang en oratorische hoogstandjes (de laatste jaren zijn de uitblinkers Tom Lanoye, Herman Balthazar en Armand De Troyer, deze laatste over zijn met de jaren steeds overtuigender ‘Boergondisch Socialisme’. Fientje Moerman en Guy Verhofstadt zijn parels aan de kroon.
De jaren 60 waren de aanloop naar mei 68. De meisjes begonnen de pil te nemen en het Gents Studentenkorps ijverde voor democratisering van het hoger onderwijs.
Op de benedenverdieping van ‘De Geldmunt’ was de vergaderzaal, waar het bestuur bij nachte stencils draaide, betogingen voorbereidde en ferme moties opstelde voor de legalisering van abortus en euthanasie en tegen de Vietnamoorlog, de verfransing van Brussel, kruisbeelden in gerechtszalen en de reglementaire ontoegankelijkheid voor jongens van het Fabiola meisjesstudentenhome. Maar op alle drie verdiepingen daarboven waren koten van ’t Zallers. Als er n bij geweest is die op orde en hygine gesteld was, dan is die binnen de kortste keren naar welriekender oorden vertrokken. Een stofzuiger was er niet, en het waterverbruik was miniem. Het onvermijdelijke gebeurde. Bierflesjes en frietzakken met mayonaise werden even vaak onder de bedden gekieperd als in de vuilnisbakken, die overigens weken lang in kamerhoeken of op de gang bleven staan. Enkele katten droegen krachtig bij tot de wuftheid van de atmosfeer en de gezelligheid van het geheel.
Er kan echter zonder risico van tegenspraak uit wetenschappelijk-kunsthistorische hoek over de Geldmunt gezegd worden dat rommel er tot een kunstvorm is verheven. Een van de inwonende ’t Zallers was de Antwerpse plastische kunstenaar Frank F. Castelyns, die bij nachte allerlei in zijn perceptie bezielde artefacten, van sigarettendoosjes tot supermarktkarretjes, naar de Geldmunt sleepte (zie o.a. over hem: Nele en Jan Bernheim, De Voorwerpen van Antwerpen, Kunst & Cultuur 97/10: 33-34, 1997). Onlangs heeft de Verbeke Foundation te Kemzeke Castelyns met een monumentale opslagplaats annex atelier en tentoonstellingsruimte bij de kruim van de Europese ‘levende kunst’ binnengehaald.
Hetzelfde historisch waarheidsstreven gebiedt echter te zeggen dat er kamers n voor n, ook voor de meest geharde bohemiens, onder wie Castelyns, onbewoonbaar werden. Maar geen zorg; zij werden volgestouwd met rommel en afval uit de andere kamers, die dan in n moeite veel aantrekkelijker werden, en dan afgesloten om ze van verder onbeheersbaar kattengedrag te vrijwaren. Veelal was de kamerverlater een jongen, en die ging dan bij zijn lief kotten op de verdieping erboven, onder de dekking van Lyndiol, de pionierspil met de paardendosis van 0,05 milligram oestrogenen. Maar niet alle meisjes hielden het in ’t Zal vol. Mijn lief is van daar bij mij op de Blandijnberg komen inwonen. Haar motieven waren ongetwijfeld onzuiver, maar ook deze hypotheek op onze relatie is overkombaar gebleken.
Eigenlijk is het allemaal vrij goed gevolueerd. De al te lang afstandelijke eigenaar rook uiteindelijk onraad (misschien gewoon bij het voorbijlopen), en beperkte de schade door ’t Zal eruit te zetten, zijn huis op te knappen en het burgerlijk te verhuren. De meeste ’t Zallers hebben hun diploma behaald en mettertijd gelijk gekregen over hun strijdpunten. Zij behoren tot de desem van Vlaanderen. De pil werd af en toe vergeten, en daar kwamen lieve kindjes van. De meeste zijn later ook wel bij ’t Zal gegaan.


FOREVER ‘T KEETJE

Eddy tange , de onvergetelijke waard van het bruinste caf van Gent, zij het met een veeleer rood clinteel, is overleden, een paar weken voor zijn grote klant en vriend Tuur Van Wallendael. Hij werd 82. Zijn culturele nalatenschap is enorm . ’t Keetje was in de jaren 60 tot 80 de stamkroeg van Antwerpen Boven, ‘t Zal wel Gaan, het Gents Universitair Toneel, de Trotskisten, Provo, de journalisten van de Vooruit en andere fellow-travellers. Er kwamen ook filosofen (zoals Leo Apostel, Etienne Vermeersch), wetenschappers (zoals Marc Van Montagu en Jef Schell), muzici (zoals Louis De Meester, Roland Van Campenhout en Miek en Roel), juristen (zoals Piet Van Eeckhout), schrijvers (zoals Guido Van Meir) en diversen zoals de aanstaande BVs Herman Balthazar, Jan Hoet en Piet Van Roe. ’t Keetje ligt nu leeg te vervallen in de St-Pietersnieuwstraat tegenover het Rectoraat en de Vooruit, en wordt weldra, samen met het monumentale gelijknamige socialistische krantengebouw van toen, openbaar verkocht.
Eddy tange had vaak strenge of sarcastische gevoelens voor zijn hondstrouwe klandizie, en zette buiten wie hem niet aanstond. Beroemde bezoekers konden helemaal zijn ..ten kussen. Na een debat van de socialistische studenten heb ik er eens Ernest Mandel en Georges Debunne meegebracht. Toen ik bij het voorbijlopen aan de toog Eddy op hun aanwezigheid attent maakte, moet ik hem de indruk gegeven hebben dat hij onder de indruk moest zijn. Ik stond voor aap: zijn eerbetoon beperkte zich tot de vraag: “Pntse?”, en ik zat bij hem definitief in de hoek van wat later de ‘gauche caviar’ zou heten. Eddy was een onversneden anarchist. Trouwens, het was in de tijd dat de BVs nog moesten uitgevonden worden. Door zichzelf. En er waren toen nog Belgen. En illusievolle linksen, met sterretjes in de ogen.

Op zondagavonden was het er druk: dan stond het vol koffers van de met de NMBS aangekomen studenten die daar aan hun werkweek begonnen. Op zaterdagen, daarentegen, (kotstudenten naar huis… sloot Eddy de Keet. Zijn sabbat bestond voor de afwisseling in een kroegentocht, waarbij hij zich o.a. in ‘t Vosken liet bedienen. Op een memorabele uitzondering na: de zaterdagnacht in 1968 waar hij voor een cornucopische tractatie een dertigtal stamgasten had uitgenodigd (voor n keer waren de Trotskisten wellicht in de meerderheid, maar Eddy had ook een fijne neus voor aanstaande vooraanstaanden, ongeacht hun toenmalige aangehorigheid). We moesten er stipt te 21u zijn; daarna ging de deur onverbiddelijk op slot, want orde en discipline hoorden bij Eddy’s anarchisme.
Eddy tapte toen VEGA pils, ergens uit Noord-Frankrijk, in hoge glazen, en elders dan in ’t Keetje nauwelijks genietbaar. Het debiet van VEGA in Gent, die avond, zal dit van de Schelde en de Leie, ook uit Frankrijk, welhaast gevenaard hebben. De ene pint was nauwelijks aangenipt, of zoon Jacky (nu schrijver) had er al een nieuwe naast gezet. Ze bleven maar komen. Tegen 11 u kregen we stapels boterhammen met uufdvlkke en mosterd van Tierentyn. De tabaksrook was te snijden. Het hoogtepunt van de nacht had Eddy rond 2 u geprogrammeerd. Zijn gasten waren dan al uren over hun hoogtepunt. Hij sommeerde ons naar zijn bovenverdiepingen. Met zijn 25 (er waren er reeds enkele uitgeteld; die bleven suffend aan de rand van bosjes VEGAs zitten) stommelden we de nauwe trap op. De gangen en kamers van de twee verdiepingen stonden vol tegen de muren gestapelde schilderijen. De meest corpulenten, waaronder Eddy en de hoogzwangere Monique De Belder, moesten zich tussen de stapels wurmen.

Ach Monique De Belder! Zij fonkelt nog steeds in mijn herinnering als de ster van een andere avond in ’t Keetje kort daarvoor, en ik moet voor haar mijn verhaallijn onderbreken. Klaartje en ik zaten daar met onze vriend Franklin Mendels, een Franco-Amerikaanse economische historicus die in Gent zijn naar het schijnt in dit vakgebied klassiek geworden doctoraat aan het schrijven was over de demografie van de overgang van huisarbeid (‘cottage industry’ naar industrile vlasverwerking in Oost-Vlaanderen. Hij kon zijn hertenogen van beau tnbreux niet afwenden van Monique, die aan de Eddy’s drukke toog stond te kletsen. “Cette fille! Son regard, son cou, ses paules, ses seins… Elle me rend fou. Qui est-elle? Peux-tu me prsenter?” Helaas, als hij ooit enige kans had gemaakt, was die verkeken. Het was drummen aan de toog, en hij had niet in de gaten dat iemand (Sus Van Elzen, zo bleek) hem minstens acht maanden was voorgeweest .

Terug naar onze hoognacht bij Eddy, een paar weken later. Hij sleepte ons per contingent van twee of drie (voor meer was er geen plaats) langs de rijen schilderijen en haalde er hier en daar een van tussen voor demonstratie. Er waren mooie werken van Burssens en De Clerck bij . Volgens mijn wat benevelde herinnering toonde Eddy bij voorkeur knoestige boomstronken, soms drijvend in donkere vijvers. Boomstronken waren blijkbaar Eddy’s iconografisch ding. Hij was zelf een boom van een vent. Onderwijl klonk het gestommel van de 20 marxisten die in ketting op de trap moesten wachten tot ze aan de beurt kwamen. Zij hadden als tussentijdse opdracht een reguliere stroom VEGA pilsjes naar boven door te geven. Degenen die hoognodig naar het toilet beneden moesten, hadden de optie zich langs de morrende rij pilsdoorgevende wachtenden naar beneden te wringen, maar verloren zo hun plaats in de rij. Hun alternatief was het dan maar in een pilsglas te doen. Omdat ze dan onverwijld een volgende VEGA toegestoken kregen, en in een evidente toestand verkeerden van verregaande incordinatie tussen de rechter- en de linkerhand, knaagt enige twijfel over de precieze inhoud van sommige pilsglazen die tot boven aangereikt werden.
Herinnert zich iemand het einde van die nacht? Mijn vrouw houdt vol dat rond 3 uur Eddy nog tomaat-garnaal liet aanrukken…

In de Keet knetterden de ideen en gierden de hormonen. Vergeet nooit de Keet.

Laten de overlevende gasten, BV of niet, hun getuigenissen aan Jacky tange sturen . Hij zal dan wel moeten een boek uitgeven, ‘Forever ’t Keetje’ of ‘Keet in de Keet’ of zoiets. En Eddy’s andere zoon, Eddy jr, schilder, kan het illustreren.
Door Hugo Wilri  12-02-2011 02:09:36
Dag San,

Dat we mekaar nu toch weer gemist hebben. We kennen mekaar van ons kot in de Olifantstraat en de urenlange gesprekken die we over geloof en klerikalisme hadden. Jij moest nog de laatse imprentingen van de clerus van je afschudden. Een moralist in de kamer ernaast, die ook al zo'n papenvreter was, was nuttig. Maar er was meer dan alleen tegen zijn. Ik heb je vechtlust, je engagement, je manier van denken altijd bewonderd. We zullen je missen en ik weet zeker dat in bepaalde ordes e nclericale organisaties de champagne koud staat.
Sterkte voor je familie.
Geen god, geen meester Clauwaert en Geus
Hugo Wilri Waaslandstr 19 2660 Hoboken 0497457628
Powered by www.GastenBoek.be Hosted by www.HostYou.be